このフラッシュカードはまだ保存されてないよ — 離れると消えちゃう。無料アカウントを作ると保存できて、下の機能も全部使えるようになるよ。
Wat bestudeert de demografie?
De bevolking (samenstelling, leeftijd, geslacht, evolutie).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de bevolking?
Aantal mensen in een bepaald gebied.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het bevolkingsaantal?
Het totale aantal mensen in een gebied.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de natuurlijke aangroei?
Verschil tussen geboortecijfer en sterftecijfer.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het geboortecijfer?
Aantal geboorten per 1000 inwoners per jaar.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het sterftecijfer?
Aantal sterfgevallen per 1000 inwoners per jaar.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het migratiesaldo?
Aantal immigranten min aantal emigranten.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wie is een immigrant?
Iemand die een gebied binnenkomt om er te wonen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wie is een emigrant?
Iemand die een gebied verlaat om elders te wonen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is bevolkingsevolutie?
Verandering van de bevolking in de tijd (natuurlijke aangroei + migratiesaldo).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is bevolkingsgroei/-afname?
Toename of afname van het bevolkingsaantal.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat toont een leeftijdshistogram?
De leeftijdsopbouw van de bevolking.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de ontwikkelingsgraad (HDI)?
Maatstaf voor de ontwikkeling van een land (tussen 0 en 1).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat beschrijft het demografisch transitiemodel?
De overgang van hoge naar lage geboorte- en sterftecijfers in vijf fasen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is fase 1 van het demografisch transitiemodel?
Hoog geboorte- en sterftecijfer, kleine natuurlijke aangroei.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is fase 2 van het demografisch transitiemodel?
Hoog geboortecijfer, dalend sterftecijfer, sterke natuurlijke aangroei.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is fase 3 van het demografisch transitiemodel?
Dalend geboortecijfer, sterftecijfer daalt minder snel, natuurlijke aangroei neemt af.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is fase 4 van het demografisch transitiemodel?
Lage geboorte- en sterftecijfers, natuurlijke aangroei rond nul (nulgroei).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is fase 5 van het demografisch transitiemodel?
Sterftecijfer hoger dan geboortecijfer, negatieve natuurlijke aangroei.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is geboortebeleid?
Overheidsmaatregelen om het geboortecijfer te beïnvloeden (bv. éénkindpolitiek).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is vergrijzing?
Toename van het aandeel ouderen in de bevolking.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wie zijn de actieven?
Het werkende deel van de bevolking.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de pensioenleeftijd?
Leeftijd waarop mensen met pensioen gaan.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een stad?
Gebied met veel en geconcentreerde bebouwing, veel functies.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is platteland?
Gebied met verspreide bebouwing, vooral landbouw en natuur.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een stadsgewest?
Stad en haar omgeving, inclusief forenzenzone.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een agglomeratie?
Aaneengesloten bebouwing rond de stadskern.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de kernstad?
Centraal deel van de stad.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de stadskern?
Historisch centrum van de stad.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de 19e eeuwse uitbreiding?
Gebied dat in de 19e eeuw aan de stad werd toegevoegd.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de stadsrand?
Grens van de aaneengesloten bebouwing.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn banlieus?
Buitenwijken van de stad.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een forenzenzone?
Gebied waar veel pendelaars wonen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is geconcentreerde bebouwing?
Gebouwen dicht op elkaar.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is verspreide bebouwing?
Huizen verspreid over het landschap.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is lintbebouwing?
Bebouwing langs wegen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn de types van bebouwing?
Gesloten, open, halfopen bebouwing.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is morfologie?
Uiterlijk van stad of platteland.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is verstedelijking?
Groei van steden en uitbreiding in het omliggende platteland.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is functionele verstedelijking?
Stad krijgt meer functies.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het hitte-eilandeffect?
Stad is warmer dan de omgeving door opslag van warmte.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is versnippering?
Open ruimte wordt opgedeeld door bebouwing en infrastructuur.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een ecoduct?
Brug voor dieren en planten over wegen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de hiërarchie van steden?
Indeling van steden naar grootte (kleine stad, regionale stad, grote stad, megastad, gigastad).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is pendelen?
Woon-werkverkeer.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is handel?
Uitwisseling van goederen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn diensten?
Niet-materiële producten (bv. onderwijs, zorg).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de primaire sector?
Landbouw, visserij, ontginning, bosbouw, veeteelt.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de secundaire sector?
Industrie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de tertiaire sector?
Handel en commerciële diensten.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de quartaire sector?
Niet-commerciële diensten (bv. onderwijs, zorg).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is toerisme?
Overnachten buiten de eigen leefomgeving.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is recreatie?
Vrijetijdsactiviteiten zonder overnachting.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is massatoerisme?
Toerisme met veel mensen tegelijk.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat valt onder infrastructuur?
Voorzieningen zoals wegen, elektriciteit, hotels.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is de tewerkstellingsgraad?
Percentage van de bevolking dat werkt.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is landbouw?
Productie van voedsel en grondstoffen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een voedingsgewas?
Gewas voor menselijke consumptie (bv. aardappelen).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een voedergewas?
Gewas voor veevoeder (bv. maïs).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een industriegewas?
Gewas voor de industrie (bv. katoen).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is basisvoedsel?
Belangrijkste voedsel in het dieet (bv. rijst, granen).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn de fysische omstandigheden?
Bodem, klimaat, reliëf.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is irrigatie?
Kunstmatige bevloeiing.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is drainage?
Afwatering bij te natte grond.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn de productiefactoren?
Grond, arbeid, kapitaal.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat betekent arbeidsintensief?
Veel arbeid nodig.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat betekent kapitaalsintensief?
Veel kapitaal nodig.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is commerciële landbouw?
Gericht op verkoop en winst.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is vertical farming?
Landbouw in lagen boven elkaar.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is smart farming?
Gebruik van technologie in de landbouw.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn landbouwsystemen?
Verschillende vormen van landbouw wereldwijd.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is bodemerosie?
Wegspoelen van vruchtbare grond.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is vermestings/eutrofiëring?
Overbemesting van de bodem.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is terrasbouw?
Landbouw op terrassen tegen hellingen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is schaalvergroting?
Grotere bedrijven, vaak met meer machines.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is grondstofontginning?
Winnen van delfstoffen uit de aardkorst.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is dagbouw?
Ontginning in groeves.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn mijnen?
Ondergrondse ontginning.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn delfstoffen?
Grondstoffen zoals goud, kopererts, coltan, kobalt.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is coltanerts?
Grondstof voor technologie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is energiewinning?
Opwekken van energie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is energieconsumptie?
Energieverbruik.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is groene energie?
Duurzaam opgewekte energie (bv. stuwdam, koolzaad).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is grijze energie?
Niet-duurzaam opgewekte energie (fossiele brandstoffen, kernenergie).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn fossiele brandstoffen?
Olie, gas, steenkool.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is kernenergie?
Energie uit atoomsplijting.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een stuwdam?
Voorbeeld van groene energie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is kinderarbeid?
Negatief gevolg van grondstofwinning.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn bloeddiamanten?
Grondstoffen die met geweld/conflict te maken hebben.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is vervuiling?
Bodem-, lucht- en waterverontreiniging door ontginning.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is klimaatverandering?
Gevolg van energieproductie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is industrie?
Productie van goederen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn industriesectoren?
Verschillende soorten industrie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is import?
Invoer van goederen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is export?
Uitvoer van goederen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is onderzoek & ontwikkeling?
Vernieuwing in de industrie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is hightechindustrie?
Industrie met veel technologie en innovatie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is het industriële productieproces?
Van grondstof tot eindproduct.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een halfafgewerkt product?
Tussenproduct.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is een afgewerkt product?
Eindproduct.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn vestigingsfactoren?
Redenen om een bedrijf ergens te vestigen (bv. bevolkingsdichtheid, transport, kapitaal, klimaat, reliëf).
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is bevolkingsdichtheid?
Aantal mensen per km².
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is transport?
Bereikbaarheid, import en export.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is kapitaal?
Geld voor investeringen.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is globalisering?
Wereldwijde economische integratie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat zijn lageloonlanden?
Landen met lage lonen, aantrekkelijk voor industrie.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is welvaart?
Mate van materiële rijkdom.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat is welzijn?
Geluk en tevredenheid.
ここでカードを閲覧するか、 登録してSpaced Repetitionで学習しよう.
Wat bestudeert de demografie?
De bevolking (samenstelling, leeftijd, geslacht, evolutie).
Wat is de bevolking?
Aantal mensen in een bepaald gebied.
Wat is het bevolkingsaantal?
Het totale aantal mensen in een gebied.
Wat is de natuurlijke aangroei?
Verschil tussen geboortecijfer en sterftecijfer.
Wat is het geboortecijfer?
Aantal geboorten per 1000 inwoners per jaar.
Wat is het sterftecijfer?
Aantal sterfgevallen per 1000 inwoners per jaar.
Wat is het migratiesaldo?
Aantal immigranten min aantal emigranten.
Wie is een immigrant?
Iemand die een gebied binnenkomt om er te wonen.
Wie is een emigrant?
Iemand die een gebied verlaat om elders te wonen.
Wat is bevolkingsevolutie?
Verandering van de bevolking in de tijd (natuurlijke aangroei + migratiesaldo).
Wat is bevolkingsgroei/-afname?
Toename of afname van het bevolkingsaantal.
Wat toont een leeftijdshistogram?
De leeftijdsopbouw van de bevolking.
Wat is de ontwikkelingsgraad (HDI)?
Maatstaf voor de ontwikkeling van een land (tussen 0 en 1).
Wat beschrijft het demografisch transitiemodel?
De overgang van hoge naar lage geboorte- en sterftecijfers in vijf fasen.
Wat is fase 1 van het demografisch transitiemodel?
Hoog geboorte- en sterftecijfer, kleine natuurlijke aangroei.
Wat is fase 2 van het demografisch transitiemodel?
Hoog geboortecijfer, dalend sterftecijfer, sterke natuurlijke aangroei.
Wat is fase 3 van het demografisch transitiemodel?
Dalend geboortecijfer, sterftecijfer daalt minder snel, natuurlijke aangroei neemt af.
Wat is fase 4 van het demografisch transitiemodel?
Lage geboorte- en sterftecijfers, natuurlijke aangroei rond nul (nulgroei).
Wat is fase 5 van het demografisch transitiemodel?
Sterftecijfer hoger dan geboortecijfer, negatieve natuurlijke aangroei.
Wat is geboortebeleid?
Overheidsmaatregelen om het geboortecijfer te beïnvloeden (bv. éénkindpolitiek).
Wat is vergrijzing?
Toename van het aandeel ouderen in de bevolking.
Wie zijn de actieven?
Het werkende deel van de bevolking.
Wat is de pensioenleeftijd?
Leeftijd waarop mensen met pensioen gaan.
Wat is een stad?
Gebied met veel en geconcentreerde bebouwing, veel functies.
Wat is platteland?
Gebied met verspreide bebouwing, vooral landbouw en natuur.
Wat is een stadsgewest?
Stad en haar omgeving, inclusief forenzenzone.
Wat is een agglomeratie?
Aaneengesloten bebouwing rond de stadskern.
Wat is de kernstad?
Centraal deel van de stad.
Wat is de stadskern?
Historisch centrum van de stad.
Wat is de 19e eeuwse uitbreiding?
Gebied dat in de 19e eeuw aan de stad werd toegevoegd.
Wat is de stadsrand?
Grens van de aaneengesloten bebouwing.
Wat zijn banlieus?
Buitenwijken van de stad.
Wat is een forenzenzone?
Gebied waar veel pendelaars wonen.
Wat is geconcentreerde bebouwing?
Gebouwen dicht op elkaar.
Wat is verspreide bebouwing?
Huizen verspreid over het landschap.
Wat is lintbebouwing?
Bebouwing langs wegen.
Wat zijn de types van bebouwing?
Gesloten, open, halfopen bebouwing.
Wat is morfologie?
Uiterlijk van stad of platteland.
Wat is verstedelijking?
Groei van steden en uitbreiding in het omliggende platteland.
Wat is functionele verstedelijking?
Stad krijgt meer functies.
Wat is het hitte-eilandeffect?
Stad is warmer dan de omgeving door opslag van warmte.
Wat is versnippering?
Open ruimte wordt opgedeeld door bebouwing en infrastructuur.
Wat is een ecoduct?
Brug voor dieren en planten over wegen.
Wat is de hiërarchie van steden?
Indeling van steden naar grootte (kleine stad, regionale stad, grote stad, megastad, gigastad).
Wat is pendelen?
Woon-werkverkeer.
Wat is handel?
Uitwisseling van goederen.
Wat zijn diensten?
Niet-materiële producten (bv. onderwijs, zorg).
Wat is de primaire sector?
Landbouw, visserij, ontginning, bosbouw, veeteelt.
Wat is de secundaire sector?
Industrie.
Wat is de tertiaire sector?
Handel en commerciële diensten.
Wat is de quartaire sector?
Niet-commerciële diensten (bv. onderwijs, zorg).
Wat is toerisme?
Overnachten buiten de eigen leefomgeving.
Wat is recreatie?
Vrijetijdsactiviteiten zonder overnachting.
Wat is massatoerisme?
Toerisme met veel mensen tegelijk.
Wat valt onder infrastructuur?
Voorzieningen zoals wegen, elektriciteit, hotels.
Wat is de tewerkstellingsgraad?
Percentage van de bevolking dat werkt.
Wat is landbouw?
Productie van voedsel en grondstoffen.
Wat is een voedingsgewas?
Gewas voor menselijke consumptie (bv. aardappelen).
Wat is een voedergewas?
Gewas voor veevoeder (bv. maïs).
Wat is een industriegewas?
Gewas voor de industrie (bv. katoen).
Wat is basisvoedsel?
Belangrijkste voedsel in het dieet (bv. rijst, granen).
Wat zijn de fysische omstandigheden?
Bodem, klimaat, reliëf.
Wat is irrigatie?
Kunstmatige bevloeiing.
Wat is drainage?
Afwatering bij te natte grond.
Wat zijn de productiefactoren?
Grond, arbeid, kapitaal.
Wat betekent arbeidsintensief?
Veel arbeid nodig.
Wat betekent kapitaalsintensief?
Veel kapitaal nodig.
Wat is commerciële landbouw?
Gericht op verkoop en winst.
Wat is vertical farming?
Landbouw in lagen boven elkaar.
Wat is smart farming?
Gebruik van technologie in de landbouw.
Wat zijn landbouwsystemen?
Verschillende vormen van landbouw wereldwijd.
Wat is bodemerosie?
Wegspoelen van vruchtbare grond.
Wat is vermestings/eutrofiëring?
Overbemesting van de bodem.
Wat is terrasbouw?
Landbouw op terrassen tegen hellingen.
Wat is schaalvergroting?
Grotere bedrijven, vaak met meer machines.
Wat is grondstofontginning?
Winnen van delfstoffen uit de aardkorst.
Wat is dagbouw?
Ontginning in groeves.
Wat zijn mijnen?
Ondergrondse ontginning.
Wat zijn delfstoffen?
Grondstoffen zoals goud, kopererts, coltan, kobalt.
Wat is coltanerts?
Grondstof voor technologie.
Wat is energiewinning?
Opwekken van energie.
Wat is energieconsumptie?
Energieverbruik.
Wat is groene energie?
Duurzaam opgewekte energie (bv. stuwdam, koolzaad).
Wat is grijze energie?
Niet-duurzaam opgewekte energie (fossiele brandstoffen, kernenergie).
Wat zijn fossiele brandstoffen?
Olie, gas, steenkool.
Wat is kernenergie?
Energie uit atoomsplijting.
Wat is een stuwdam?
Voorbeeld van groene energie.
Wat is kinderarbeid?
Negatief gevolg van grondstofwinning.
Wat zijn bloeddiamanten?
Grondstoffen die met geweld/conflict te maken hebben.
Wat is vervuiling?
Bodem-, lucht- en waterverontreiniging door ontginning.
Wat is klimaatverandering?
Gevolg van energieproductie.
Wat is industrie?
Productie van goederen.
Wat zijn industriesectoren?
Verschillende soorten industrie.
Wat is import?
Invoer van goederen.
Wat is export?
Uitvoer van goederen.
Wat is onderzoek & ontwikkeling?
Vernieuwing in de industrie.
Wat is hightechindustrie?
Industrie met veel technologie en innovatie.
Wat is het industriële productieproces?
Van grondstof tot eindproduct.
Wat is een halfafgewerkt product?
Tussenproduct.
Wat is een afgewerkt product?
Eindproduct.
Wat zijn vestigingsfactoren?
Redenen om een bedrijf ergens te vestigen (bv. bevolkingsdichtheid, transport, kapitaal, klimaat, reliëf).
Wat is bevolkingsdichtheid?
Aantal mensen per km².
Wat is transport?
Bereikbaarheid, import en export.
Wat is kapitaal?
Geld voor investeringen.
Wat is globalisering?
Wereldwijde economische integratie.
Wat zijn lageloonlanden?
Landen met lage lonen, aantrekkelijk voor industrie.
Wat is welvaart?
Mate van materiële rijkdom.
Wat is welzijn?
Geluk en tevredenheid.
本当に削除しますか 0 単語カードを削除しますか?この操作は元に戻せません。
から削除するタグを選択してください 0 選択された単語カード:
タグを読み込み中...